Psychose en schizofrenie

Mensen met een psychose zijn tijdelijk het normale contact met de werkelijkheid kwijt.

Een psychose bestaat uit wanen en hallucinaties. Mensen met schizofrenie hebben hier langdurig last van.

Wanen zijn gedachten die niet overeenkomen met de realiteit. Iemand die een waan heeft is daarvan niet af te brengen met logisch redeneren. Iemand denkt bijvoorbeeld dat hij wordt afgeluisterd of dat er een complot bestaat. Hierdoor kan de persoon zich angstig gaan voelen, mensen gaan wantrouwen en zich gaan afzonderen. Er bestaan echter ook prettige wanen. Dit soort waan kenmerkt zich door het feit dat een persoon denkt dat hij beschikt over bepaalde bijzondere gaven, zeer rijk of beroemd is.
Hallucinaties zijn zintuiglijke belevingen die niet overeenkomen met de werkelijkheid. Er worden bijvoorbeeld dingen gezien en gehoord die niet in de buitenwereld voorkomen. Dat kunnen stemmen zijn maar ook hardop klinkende gedachten. Hallucinaties kunnen ook gehoord worden in de vorm van opdrachten die onschuldig kunnen zijn zoals ‘zet koffie’ maar het kunnen ook opdrachten zijn die leiden tot gevaarlijk gedrag. Mensen die hieraan lijden zijn zich daar niet altijd bewust van.
Naast het hebben van wanen en hallucinaties kunnen mensen met een psychose last hebben van verwardheid, problemen in het logisch denken en een verstoord dag- en nachtritme. Een psychose gaat vaak gepaard met angst en concentratieproblemen. Bezigheden zoals werken en leren worden hierdoor bemoeilijkt. De symptomen die zich bij een psychose kunnen voordoen worden ingedeeld in positieve en negatieve symptomen. Positieve symptomen zijn symptomen die opvallen door hun aanwezigheid. Deze symptomen treden alleen op tijdens een psychose. 'Positief' wil in dit verband dus niet zeggen dat het hier om goede of gunstige symptomen gaat. Het betekent dat deze symptomen duidelijk aanwezig zijn. Wanen en hallucinaties zijn positieve symptomen. Negatieve symptomen heten zo omdat daarbij opvalt dat er iets ontbreekt. Gedrag wat verwacht mag worden is er niet. Negatieve symptomen zijn bijvoorbeeld minder productief zijn op werk en thuis en moeilijk uit bed kunnen komen.
De duur van een psychose kan variëren van weken tot maanden. Wanneer een psychose langer aanhoudt dan 6 maanden kan het een onderdeel zijn van schizofrenie en/of aanverwante stoornissen.
 
Oorzaken
Het is niet altijd duidelijk waarom iemand een psychose krijgt. Ieder jaar krijgt 1 a 2 op de tienduizend Nederlanders voor het eerst een psychose. Deze eerste psychose treedt voornamelijk op tussen het 16de en het 25e levensjaar. Als iemand eenmaal een psychose heeft gehad is de kans op herhaling erg groot, vooral als de persoon geen adequate behandeling krijgt. Verschillende factoren kunnen bijdragen aan het ontstaan van een psychose. Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat erfelijke aanleg een rol speelt. Dit is vaak het geval bij schizofrenie en stemmingsstoornissen (depressie en manie). Tevens kunnen stress en drugsgebruik een psychose uitlokken. Een oorzaak van een psychose kan ook een medische grondslag hebben zoals een vergiftiging, ziekte met koorts of een schildklierafwijking.
 
Behandeling
Medicatie is onmisbaar bij het behandelen van een psychose. Wanneer iemand eenmaal een psychose heeft gehad, is de kans op een volgende psychose binnen 1 jaar 70% als er gestopt wordt met medicijngebruik. Na een eerste psychose wordt het daarom aanbevolen minstens twee jaar antipsychotica te gebruiken. Als de diagnose schizofrenie is gesteld is het vaak noodzakelijk om deze medicatie altijd te blijven gebruiken. Antipsychotica kunnen een psychose terugdringen en helpen wanen en hallucinaties af te vlakken. Ook negatieve symptomen worden verminderd. Nadeel van deze medicatie is dat er vaak bijwerkingen zijn, die per persoon kunnen verschillen. Veel voorkomende bijwerkingen zijn motorische onrust, bewegingsproblemen, gevoelsvervlakking, gewichtstoename en seksuele problemen.
Naast medicatie zijn gesprekstherapie en lotgenotencontact belangrijk. Een vorm van gesprekstherapie is psycho-educatie, die helpt tot beter ziekte-inzicht, vroegtijdige herkenning van signalen en juist medicijngebruik. Lotgenotencontact kan de patiënt en diens omgeving helpen de ziekte te accepteren en ermee te leren omgaan.
 
Voor meer informatie over psychose en schizofrenie kunt u contact met ons opnemen.


Terug naar het overzicht

home